Bijna 48 jaar lang rende ik voor iedereen en alles, helpen, regelen, luisteren, klaarstaan… en ik hoefde daar nooit iets voor terug.

Column 315 – 15 september 2026

Voor wat, hoort wat. We kennen de uitspraak allemaal, maar als ik mezelf de vraag stel of ik daar nu echt in geloof, is mijn eerste antwoord eigenlijk heel duidelijk: nee.

Als ik iemand help, bijsta of gewoon voor iemand klaarsta, dan doe ik dat niet omdat ik vervolgens iets terug verwacht. Tenminste, dat is altijd mijn uitgangspunt geweest. Als ik iets voor een ander kan betekenen, dan doe ik dat gewoon, omdat ik het fijn vind om te kunnen helpen en omdat geven op zichzelf ook iets kan opleveren, namelijk het goede gevoel dat je iets voor een ander hebt kunnen betekenen.

Toch moet ik eerlijk zijn, mijn kijk daarop is de afgelopen jaren wel veranderd.

Als ik terugkijk, heb ik volgens mij bijna 48 jaar lang behoorlijk hard rondgerend voor iedereen en alles. Helpen, regelen, luisteren, klaarstaan, meedenken, nog even iets extra’s doen, het was eigenlijk allemaal heel vanzelfsprekend voor mij. Ik hoefde daar niets voor terug, want het was voor mij al bevredigend genoeg om iets voor een ander te kunnen betekenen.

Totdat er een moment kwam waarop ik zelf niet meer zo gemakkelijk kon blijven rennen.

Er is namelijk echt een periode geweest waarin ik helemaal niets meer kon geven. Niet omdat ik dat niet wilde, maar simpelweg omdat ik al mijn aandacht en energie nodig had voor mezelf. Eerst kwam daar totaal onverwacht de scheiding, een periode waarin je ineens je hele leven opnieuw moet bekijken en opnieuw moet uitvinden hoe je verdergaat. Daarna kwam meer gedoe met mijn gezondheid en uiteindelijk het herseninfarct, met alles wat daar achteraan kwam: revalideren, herstellen, opnieuw leren omgaan met wat wel en niet meer vanzelfsprekend was en natuurlijk het hele traject bij de Hersenz.

Op een gegeven moment liep ik eigenlijk een pad waarop ik al mijn beschikbare energie voor mezelf nodig had. Er was geen ruimte meer om ondertussen ook nog de gezellige vriendin, behulpzame bekende of altijd-beschikbare persoon te zijn die ik jarenlang was geweest. Ik moest noodgedwongen de focus naar binnen leggen en leren dat het soms ook gewoon nodig is om even helemaal niets voor een ander te kunnen betekenen.

Dat heeft me eerlijk gezegd ook dierbare vriendschappen gekost.

Niet omdat er ruzie ontstond of omdat iemand bewust besloot uit mijn leven te verdwijnen, maar soms gewoon omdat relaties veranderen wanneer jij niet meer degene bent die steeds initiatief neemt, afspraken regelt, belangstelling toont of klaarstaat. Als jij jarenlang degene bent geweest die veel geeft en daar ineens mee stopt omdat het echt niet meer kan, wordt vanzelf zichtbaar welke contacten ook zonder dat geven blijven bestaan.

Dat was best pijnlijk om te ontdekken.

Tegelijkertijd heeft het me ook veel geleerd. Want juist in die periode ontdekte ik wie er niet alleen graag bij mij was als ik iets te geven had, maar ook gewoon bij mij wilde zijn toen ik zelf even helemaal niets te geven had.

En misschien is dát uiteindelijk wel de kern van wat ik tegenwoordig onder wederkerigheid versta.

Toen het met mijn gezondheid een stuk minder ging en ik zelf behoorlijk diep kwam te zitten, had ik van sommige mensen eerlijk gezegd verwacht dat ze er voor mij zouden zijn. Niet letterlijk dag en nacht natuurlijk, maar toch op z’n minst met een berichtje, een telefoontje of een simpele vraag hoe het nu werkelijk met me ging.

Een deel van die mensen was er gelukkig ook, en daar ben ik nog steeds ontzettend dankbaar voor. Maar er waren ook mensen van wie ik dacht dat ze veel dichter bij mij stonden, die juist op het moment dat ik zelf wat minder kon geven, behoorlijk ver weg bleken te staan. 

Het bijzondere was, dat het soms juist mensen waren die ik zelf altijd als kennissen had gezien, die ineens ontzettend waardevol bleken te zijn. Een vriendelijk berichtje, een luisterend oor, even belangstelling tonen of gewoon laten merken dat je aan iemand denkt, kan op zo’n moment veel meer betekenen dan degene die het doet misschien zelf beseft.

Dat vond ik misschien nog wel het meest bijzondere aan die hele periode, dat sommige mensen van wie ik helemaal niets verwachtte, er wél waren, terwijl anderen van wie ik dacht dat ze vanzelfsprekend naast me zouden staan, dat uiteindelijk niet deden.

Dat betekent voor mij nog steeds niet dat ik nu vind dat voor wat, hoort wat een soort regel moet zijn binnen relaties.

Als ik jou help, hoef jij mij niet automatisch een keer terug te helpen. Als ik naar jou luister, betekent dat niet dat jij bij mij een luisterbeurt hebt openstaan. Zo werkt het wat mij betreft niet, want zodra geven een soort ruilhandel wordt, voelt het voor mij niet meer als geven.

Er zit voor mij echter wel een verschil tussen iets terugverwachten en wederkerigheid belangrijk vinden.

Een relatie hoeft helemaal niet precies fiftyfifty te zijn, de ene keer kan de één wat meer geven en de andere keer juist de ander. Het leven loopt nu eenmaal niet altijd in zo een balans. Wat ik inmiddels wel belangrijk vind, is dat je over een langere periode het gevoel hebt dat de belangstelling, aandacht en moeite van twee kanten komen.

Dat is voor mij iets anders dan: ik heb dit voor jou gedaan, dus nu ben jij aan de beurt.

Daar komt nog iets bij, ik heb tegenwoordig gewoon niet zoveel sociale energie meer om uit te delen. Dat betekent dat ik wat bewuster ben geworden van waar ik die energie aan besteed.

Als ik buitenshuis mijn sociale vaardigheden bij elkaar raap en besluit om ergens naartoe te gaan, gezellig af te spreken of een paar uurtjes met iemand door te brengen, dan vind ik het prettig als die energie ook iets oplevert in de vorm van gezelligheid, belangstelling, een goed gesprek of gewoon samen kunnen lachen.

Ik hoef allang niet meer voortdurend opgevangen te worden en ik heb ook niet bij iedere ontmoeting een diep gesprek of een luisterend oor nodig. Maar de mensen die er voor mij waren toen ik dat wél nodig had, zijn wel de mensen aan wie ik nu ook graag mijn plezier en aandacht geef.

Gelukkig zijn dat er nog genoeg, zoveel zelfs dat ik het soms nog steeds niet allemaal kan bijbenen. Het fijne is dan weer dat juist die mensen daar begrip voor hebben en niet meteen denken dat ik geen belangstelling heb als ik een keer afzeg of wat minder van me laat horen.

Misschien speelt mijn/onze leeftijd inmiddels ook een beetje mee. We hoeven niet meer ieder weekend de hort op, nachtenlang te feesten of drie afspraken op één dag te proppen om het gevoel te hebben dat we een sociaal leven hebben.

Geef mij tegenwoordig maar een gezellig gesprek met een kop koffie erbij, een wijntje op z’n tijd, een lunch, ergens een hapje eten en af en toe een feestje. Dat vind ik hartstikke gezellig, maar daarna ben ik ook weer heel blij als ik gewoon lekker naar huis kan.

En dat is ook wel een mooie vorm van wederkerigheid, elkaar niet alleen uitnodigen voor de leuke dingen, maar ook rekening houden met wat de ander nodig heeft en aankan.

Mijn antwoord is eigenlijk nog steeds nee, niet als regel en zeker niet als een soort rekening die bijgehouden moet worden.

Ik help je niet omdat jij mij daarna iets verschuldigd bent, ik luister niet omdat ik later een luisterend oor van jou tegoed heb en ik ben er niet voor jou om vervolgens te kunnen zeggen: nu ben jij aan de beurt.

Maar binnen vriendschappen en familie vind ik wederzijdse interesse inmiddels wel belangrijk.

Want als ik voortdurend degene ben die geeft, vraagt, luistert, belangstelling toont en moeite doet, terwijl daar vanuit de ander eigenlijk niets tegenover staat, dan raak ik op een gegeven moment gewoon door mijn energie heen. En daar ben ik tegenwoordig veel zuiniger mee geworden.

Niet uit boosheid, niet uit wrok en ook niet omdat ik vind dat iemand mij iets verschuldigd is, maar omdat ik inmiddels weet dat mijn energie kostbaar is en ik die het liefst besteed aan mensen bij wie het fijn voelt.

Dus stiekem toch een heel klein beetje voor wat, hoort wat, maar dan niet als vaststaand feit en zeker niet als ruilhandel.

Meer als een ongeschreven afspraak binnen een fijne vriendschap of familieband, waarin je weet dat je er voor elkaar bent, waarbij de één soms wat meer geeft dan de ander, maar waarin je uiteindelijk wel voelt dat het van twee kanten komt.

Ik ben er voor jou, jij bent er voor mij en dat is uiteindelijk alles wat ik tegenwoordig nodig heb.

Lizette

Wat vind jij, moet je iets terugdoen als iemand iets voor jou doet?
 

Laat het me weten in een reactie, zie de poll op mijn socials of beantwoord de vraag eens voor jezelf. 

Maximaal 2x per maand een Zettje Schrap Extra, met inzichten en updates

Je hoeft de Substack app NIET te downloaden!!!!! Na invullen van je emailadres, krijg je de melding; Download de app om af te ronden (uitgekookt) maar dat hoef je NIET te doen, je bent dan namelijk al aangemeld!!

Dankzij de bijzondere en liefdevolle bijdrage van deze fantastische sfeermaker krijgt dit platform zijn gezellige, warme uitstraling en unieke, uitnodigende karakter. Daar ben ik ontzettend dankbaar voor.

💖

↬ Kaarten en meer van Studio Kuukeluus

Scroll naar boven